Nederland wil EU-begroting afremmen, maar Europa heeft juist meer geld nodig


Nederland wil flink snoeien in de EU-begroting. Tegelijkertijd stapelen de Europese uitgaven zich op: voor defensie, innovatie en de energietransitie is juist meer geld nodig. Economen zien ruimte om te schuiven, maar waarschuwen dat extra geld ook nodig blijft.
Premier Rob Jetten ontvangt vrijdag Europese Raad-voorzitter António Costa in het Catshuis. De nieuwe Europese meerjarenbegroting staat hoog op de agenda. Een week later buigen alle Europese leiders zich erover in Brussel.
De Europese Commissie wil de komende zeven jaar bijna 2.000 miljard euro uitgeven. Dat is ongeveer 60 procent meer dan in de huidige begroting.
Nu gaat een groot deel van het EU-budget nog naar landbouw en het verkleinen van economische verschillen tussen regio's. De Commissie wil daar al flink in schuiven. Het aandeel voor landbouw en cohesie zou dalen van ongeveer 70 naar 45 procent. Tegelijkertijd zou het aandeel voor innovatie en veiligheid stijgen van zo'n 17 naar 30 procent.
Nederland en de andere vijf landen vinden die verschuiving niet genoeg. De landen willen honderden miljarden euro's van het begrotingsvoorstel schrappen. Ook willen ze het geld anders verdelen, met meer nadruk op onder meer defensie, concurrentiekracht en innovatie.
Schuiven met geld kan lastig zijn
"Het is altijd lastiger om in bestaande fondsen te snijden", zegt politicoloog Sandrino Smeets. Volgens hem bestaat daardoor het risico dat nieuwe fondsen voor bijvoorbeeld defensie en concurrentiekracht uiteindelijk worden geschrapt, terwijl de traditionele landbouwpotten overeind blijven.
Ook econoom Maartje Wijffelaars van RaboResearch ziet daar een probleem. "Net als op nationaal niveau is het natuurlijk heel moeilijk om tegen de ene groep te zeggen: 'Jij kreeg altijd veel, maar krijgt nu minder', om geld vrij te spelen voor een ander."
Binnen de EU wordt dat volgens haar nóg ingewikkelder. Als er minder geld naar landbouw gaat en meer naar defensie, concurrentiekracht en de energietransitie, zijn het vaak niet dezelfde landen die erop vooruit- of achteruitgaan.
Europa krijgt steeds meer uitgaven
“De discussie zou echter niet alleen moeten gaan over hoeveel geld Europa uitgeeft en onderling verdeelt, maar ook over wat daarmee wordt bereikt", zegt econoom Hugo Erken van RaboResearch. “Uiteindelijk gaat het erom of investeringen bijdragen aan een sterkere Europese concurrentiekracht en een grotere economische weerbaarheid.”
Daarmee zegt hij dat geld alleen is niet voldoende is. Europa loopt op onderdelen achter op de Verenigde Staten, onder meer door een lagere productiviteitsgroei en hogere energiekosten.
"Gezamenlijke Europese investeringen kunnen meer opleveren dan wanneer ieder land afzonderlijk hetzelfde gaat ontwikkelen. Het gaat er niet alleen om hoeveel geld beschikbaar is, maar ook hoe efficiënt het wordt ingezet," zegt Erken.
Dat geldt ook bijvoorbeeld voor defensie. Europese landen kunnen efficiënter investeren door gezamenlijk militair materieel in te kopen, zegt Paul van den Noord. Hij is gastonderzoeker Macro & International Economics aan de Universiteit van Amsterdam.
Met die efficiëntere investering kunnen landen profiteren van schaalvoordelen. "Dat is ook in het belang van Nederland", zegt Van den Noord. Een gezamenlijke Europese aanpak kan bovendien helpen om minder afhankelijk te worden van de VS.
Groeien én schuiven
Econoom Wijffelaars vindt het logisch om te kijken waar het efficiënter kan. "Want meer uitgeven is niet altijd een optie", zegt ze. "De kapitaalmarktrentes zijn de afgelopen tijd hard gestegen en de tijd van gratis geld lenen is echt voorbij.”
Tegelijkertijd ziet Van den Noord dat in het huidige begrotingsplan al nieuwe prioriteiten aan bod komen. "Er zit al een flink stuk verschuiving in", zegt hij. "Maar alsnog is ook wat vergroting nodig. Beide zijn nodig."
Noémi volgt het economische nieuws. Ze schrijft over geldzaken en hoe internationale ontwikkelingen doorwerken in de portemonnee van Nederlanders. Mail je tips of vragen.
KioskNews shows a cleaned-up reading view extracted from the publisher’s page — the original always lives on their site, not ours.