The Jerusalem PostJim Bakker, TV preacher felled by scandals, dies at 86CNN TürkÖZET | Fransa, Belçika karşısında son dakikalarda farka gittiPunchTrump approves firing squad execution of US Army base shooterESPN DeportesBraves saca triunfo de Los Ángeles y va a casa 1-1InquirerDay 34 of Duterte trial: Defense resumes AMLC records cross-examESPN🏈 CFB Power Rankings: Miami moves up, Missouri, Pitt make listDaily MaverickWELLNESS: Should you track your sleep? The pros, cons and realities of sleep trackersBollywood HungamaRam Gopal Varma reacts to Janhvi Kapoor ‘Chuttamalle’ song deepfake row: “The smart thing would have been to concentrate on catching the perpetrator”Observador DesportoExportações lusófonas para a China fixam novo recordeHet Laatste NieuwsKIJK. Gezicht van Netanyahu spreekt boekdelen wanneer toespraak tijdens herdenkingsdag wordt verstoordSözcüMersin Büyükşehir Belediye Başkanı Vahap Seçer tutuklandıBBC SportBorn into Celtic, made at Motherwell, Welsh comes of age with Scotland
The Daily Newsstand · Free, Always
Tuesday, October 6, 2026

Celia Groothedde over de manosphere: ‘Zeggen “wees geen verkrachter” is niet genoeg’

Translate

Voor wie de manosphere nog niet kende, gaf de Netflix-reeks Adolescence (2025) een ontluisterende inkijk. Nu het fenomeen zich steeds verder verspreidt en normaliseert, wijdt Groen-politica en auteur Celia Groothedde er een boek aan zonder taboes of vooroordelen. “We moeten positieve antwoorden bieden op de vraag wat het betekent om vandaag man te zijn.”

Celia Groothedde zat vanaf 2019 in het Vlaams Parlement voor Groen, en maakte in 2024 de overstap naar het Brussels parlement. Haar pen heeft ze al die tijd niet neergelegd. Na haar analyse van De crèchecrisis (2023) buigt ze zich nu in een nieuw boek over de manosphere. Die wereld blijft allang niet meer beperkt tot de donkerste hoeken van Reddit of 4chan. Van het jargon op de speelplaats en in de klaslokalen tot in de hoogste politieke linies: het fenomeen heeft zich in alle lagen van de samenleving genesteld.

In het sterk gepolariseerde politieke landschap van vandaag benadrukt Groothedde dat haar boek Wees een man! Voorbij de manosphere geen partijpolitiek pamflet is. “Ik heb natuurlijk een ideologie en ideeën”, erkent ze. Maar voorbij de ideologische scheidslijnen roept het Groen-parlementslid op tot een brede maatschappelijke reactie: “Momenteel is het voornamelijk de manosphere die antwoorden biedt op de existentiële problemen van mannen, en dat maakt haar zo aantrekkelijk. Daarom is het cruciaal om hun vragen ook buiten die wereld te kunnen beantwoorden en het gesprek te verbreden.”

Brussel is uw dagelijkse politieke biotoop, en toch keek u voor uw analyse van de manosphere liever in de richting van de VS.
Celia Groothedde: Je hoeft het woord Brussel niet letterlijk te laten vallen om de link te leggen met wat er in de VS en ook hier gebeurt. Dat merk ik aan mijn keukentafel met drie Brusselse tieners: woorden uit de manosphere worden heel terloops gebruikt, alsof het de normaalste zaak van de wereld is.

In de Franse krant Le Monde verscheen onlangs een artikel dat aantoont hoe vrouwen beoordelen op hun uiterlijk door hun een score op tien te geven een populair en genormaliseerd tijdverdrijf is geworden onder jonge mannen.
Groothedde: Dat verbaast me niet. Het komt recht uit de manosphere en is daar al lang ingeburgerd. Zo’n symbooltje hangt vast aan een hele manier van denken: een relatie is geen kwestie van gevoel of overtuiging, maar een economische transactie die genoeg moet opbrengen. De waarde van vrouwen wordt echt teruggebracht.

Celia Groothedde

©

Sophie Soukias

| Celia Groothedde: “Vrijwel elke jongere weet wat er in Adolescence speelt, omdat zij het al hebben meegemaakt. Het was vooral een wake-upcall voor volwassenen.”

Uw eerste opzet voor het boek dateert van 2019, maar u moest het even on hold zetten. Destijds hoopte u dat de manosphere vanzelf zou overwaaien. Precies het tegenovergestelde is gebeurd.
Groothedde: De manosphere breidt zich uit als een soort olievlek. Zelfs heel progressieve ouders horen hun zonen plots zeggen: “Vrouwen zijn toch golddiggers?” Ik sprak onlangs met een leerkracht die zei dat ze voortdurend tekenen van de manosphere in haar klas zag. Ook van ouders krijg ik signalen die aangeven dat de meisjes in de klas hun mond niet meer durven open te doen.
Het recente onderzoek in Nederland over de verminderde acceptatie van homoseksualiteit onder Nederlandse jongeren is veelzeggend. In België is dat onderzoek nog niet afgerond, maar ik durf er gif op in te nemen dat je ook in België die verandering zult zien bij die jongeren. Dat er leerkrachten zullen zijn die niet langer open zijn over hun geaardheid, maar ze liever verborgen houden. Uit dat Nederlandse onderzoek bleek dat het zowel hoogopgeleide als laagopgeleide jongeren zijn, uit de migrantengemeenschap, maar ook helemaal niet uit de migrantengemeenschap. Ook bij meisjes zie je een terugval.

Er wordt veel gepraat over een crisis van de mannelijkheid: mannen zouden niet meer weten hoe ze zich moeten gedragen, noch wat hun waarde is in de huidige maatschappij.
Groothedde: De vraag waar jongens, jonge mannen mee beginnen, is niet hoe ze vrouwen kunnen haten. De vragen gaan over hoe een goede man te zijn. Hoe kan ik met meisjes praten? Hoe ga ik een gesprek met een vrouw aan zonder creepy over te komen? Op die vragen komen er weinig antwoorden uit democratische, niet-extreemrechtse hoek. De manosphere geeft die antwoorden dan weer wel, maar het zijn zeker niet de antwoorden die je als links-georiënteerd of progressief iemand zou geven.

Welke antwoorden moeten we die jonge mannen bieden om hun vertrouwen te herstellen?
Groothedde: Een positiever antwoord, waar jongens en mannen mee verder kunnen. Een antwoord dat niet alleen zegt wat mag en niet mag. Zeggen: “Wees geen verkrachter”, volstaat niet. Hoe kunnen we in deze sterk veranderende maatschappij wél met elkaar omgaan, romantisch, emotioneel, seksueel? Op die vragen zie ik te weinig antwoorden. Of nog: hoe ben ik een goede vader? Op welke manier kan ik als man waardevol zijn? Daarover moeten wij collectief nadenken én actie ondernemen, waarbij relationele en seksuele opvoeding een grote rol kan spelen, in het belang van de hele maatschappij.

“Militairen op straat symboliseren mannelijkheid. Dat wordt voor politieke doeleinden gebruikt”

Groen-politica en auteur

In uw boek is de manosphere niet louter een cultureel fenomeen: u wijdt een lang hoofdstuk aan de socio-economische wortels ervan.
Groothedde: Kijk naar Brussel: de schooluitval bij jonge mannen ligt er gigantisch hoog en traditionele, mannelijke industrieën vallen weg, zoals de Audi-fabriek in Vorst, met bijna uitsluitend mannelijke werk­nemers. Kijk naar de meest kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt: de gig- en platformeconomie, waar je nauwelijks sociale zekerheid of arbeidsrechten hebt. Ook in die sectoren werken veel mannen en jongens, bij Deliveroo, Uber of soortgelijke diensten. Nu zijn we in een fase beland van automatisering. Typische arbeidersjobs verdwijnen, maar met de ontwikkeling van artificiële intelligentie volgt waarschijnlijk een aantal hooggekwalificeerde technische jobs. Zo ontstaan hele groepen mensen die worden achtergelaten en alleen nog in die mano­sphere een antwoord op het heel existentiële probleem: “Wat is mijn toekomst nog?”

Hoe schat u de dreiging van de manosphere in in een stad als Brussel?
Groothedde: Ik zal niet alarmistisch zeggen dat we morgen een aanslag moeten vrezen. Wel weten we dat mensen, wanneer er asociale politiek wordt gevoerd en wanneer mensen in de steek worden gelaten, naar extremere ideeën evolueren. Dat gebeurt op een gelijkaardige manier als de gewelddadige radicalisering ten tijde van IS (Islamistische Staat, red.). Jammer genoeg kun je dat bijna niet in cijfers vatten. Dat fenomeen blijft onzichtbaar tot de top van de ijsberg en de symptomen naar boven komen drijven.
In andere landen zijn er al verschillende terroristische aanslagen geweest, geïnspireerd door de manosphere. Bij ons – gelukkig – nog niet, maar is het nu echt nodig om daarop te wachten om actie te ondernemen? Een grote groep jongens en mannen wordt als het ware achtergelaten in de samenleving en zij hebben gegronde redenen om geen toekomst te zien, maar ze worden naar homofobie, vrouwenhaat en allerlei schadelijke ideeën geleid.

Is het in linkse en progressieve kringen nog altijd een taboe om medelijden te tonen voor mannen en te erkennen dat ook zij onder discriminatie kunnen lijden?
Groothedde: Sommige ouders en mensen pleiten wel voor een bredere opvoeding die meer empathie voor hen heeft.
Aan de rechter- of extreemrechtse kant klinkt het: “Je mag geen man meer zijn.” Mannelijkheid wordt gebruikt voor politieke doeleinden. Neem nu de militairen in Brussel: ze symboliseren mannelijkheid, maar mogen letterlijk niks doen, agenten zijn als het ware hun babysit – en dat bedoel ik absoluut niet denigrerend tegenover hen - puur omdat de minister van Defensie (Theo Francken, N-VA, red.) symboolpolitiek wil voeren.
Het komt echter van mannen én van vrouwen. In Brussel misbruikt Anneleen Van Bossuyt (N-VA, red.) de rechtsstaat en de asielzoekers voor een ideeënstrijdje dat dicht tegen extreemrechts aanleunt. Ze gebruikt bewust alleenstaande mannelijke asielzoekers met de boodschap: “Dat zijn geen goede mannen.” Bij die tentenkampen zat ik vaak te denken: hoeveel jongens en mannen zitten daar die volwaardig lid willen en kunnen zijn van onze maatschappij? Maar zo wordt er nooit naar hen gekeken. Terwijl met de tekorten in kinderopvang en zorgberoepen zoveel mannen daar een vervullende job zouden kunnen vinden.

Vindt u dat er aan de ene kant mannelijke en aan de andere kant vrouwelijke waarden bestaan?
Groothedde: Eigenlijk niet. De maatschappij is vandaag zo georganiseerd, maar na al het onderzoek voor mijn boek ben ik er nu van overtuigd dat heel veel mannen zorgen voor hun naasten als een basiswaarde zien om hun leven zin te geven.

Celia Groothedde

©

Sophie Soukias

| “In andere landen zijn er al verschillende terroristische aanslagen geweest, geïnspireerd door de manosphere. Bij ons – gelukkig – nog niet, maar is het nu echt nodig om daarop te wachten om actie te ondernemen?”

Begrijpt u de angst bij een deel van de samenleving om meer mannen in de kinderopvang te laten werken, wetende dat meer dan 90 procent van de pedocriminaliteit door mannen wordt gepleegd? Het schandaal in de crèche van de ULB-campus heeft bij veel mensen een diep trauma achtergelaten.
Groothedde: Daarbij was ook een vrouw betrokken. Ook wat dat betreft denken we misschien te veel in stereotypen en kijken we te weinig naar het beleid. Seksueel misbruik wordt bijvoorbeeld mogelijk gemaakt doordat kindbegeleiders alleen op de vloer staan. Waar wordt in de zorg op bespaard? Op mensen, want die kosten het meest. Zo maak je dat soort dingen juist mogelijk.

Om terug te komen op de manosphere: hoe pak je preventie concreet aan, los van het tonen van de serie Adolescence in de klas, zoals in het Verenigd Koninkrijk werd aangemoedigd?
Groothedde: Vrijwel elke jongere weet wat er in Adolescence speelt, omdat zij het al hebben meegemaakt. Het was vooral een wake-upcall voor volwassenen. Wel zie je in sommige landen, zoals Denemarken, dat de psychische zorg er veel beter is aangepast aan mannen. Wat dat betreft staan wij nog in de kinderschoenen. We weten dat mannen en jongens minder snel psychische hulp zoeken. Dat ligt voor een deel aan onze maatschappij die zegt dat je als man of jongen geen hulp zoekt. Los je problemen zelf op, wees een echte man. Zo krijg je een domino-effect.

Is de kans dan groter dat mannen zonder psychologische hulp in een vicieuze cirkel van geweld terechtkomen?
Groothedde: Ook veel mannen zijn slachtoffer van geweld. Voor alle duidelijkheid: het is goed dat er meer aandacht is voor vrouwen en partners die het leven verliezen door intrafamiliaal geweld, maar tegelijk zijn er daarin enorm veel blinde vlekken.
Geweld tegen vrouwen is helaas ook iets wat politiek kan worden gebruikt. Door daar hard op in te zetten, wordt de polarisatie tussen mannen en vrouwen soms weer in de hand gewerkt. Het zou goed zijn als we geweld wat systemischer bekijken, in plaats van het alleen over bestraffing te hebben. Het zou zo mooi zijn als er politiek meer wordt ingezet op de preventie van zulke drama’s en zo’n leed. Dat gaat bijvoorbeeld via dingen die de laatste jaren minder populair zijn geworden, maar ook totaal gekarikaturiseerd worden, zoals seksuele en relationele opvoeding.

Heeft die polarisatie tussen mannen en vrouwen de blik op het grotere plaatje vertroebeld?
Groothedde: Ik denk dat leerkrachten en jeugdwerkers keihard werken om die problemen op te vangen. Dat merk ik ook bij feministen: er zijn veel dingen waar zij al jaren voor pleiten. Het grote verschil is hoeveel bereik je hebt. Dat geef ik aan in het boek: hoe vergroot je die bubbels? We moeten de boot groter maken en de inrijpoort wagenwijd opengooien, zodat jongens en mannen zich welkom voelen en begrijpen dat we hen aanspreken. Soms kunnen we hen niet bereiken vanwege een vooroordeel: “Deze mensen zijn er niet voor mij.”
Als eerste uit een arbeidersgezin die hogere studies kon doen, herinner ik me de eerste keer dat ik een theater- of concertvoorstelling bijwoonde. In de brochure stond een erg ingewikkelde uitleg, maar tijdens het stuk dacht ik: mijn familie zou dit prachtig en ontroerend vinden, het gaat over hen en ze snappen het perfect. Alleen had die folder hen eigenlijk al op voorhand de toegang ertoe ontnomen.

Heeft het feit dat u uit een arbeidersgezin komt, u een bijzondere gevoeligheid gegeven voor gemarginaliseerde thema’s en groepen?
Groothedde: Dat ik Brusselse ben, is een gelukkig toeval. Mijn moeder werd onverwacht zwanger, op een moment dat dat in haar gezin absoluut niet oké was. Ze kwam in een opvangtehuis in Molenbeek terecht. Op mijn geboorteakte staan twee nobele onbekenden die ik anoniem dankbaar ben. Ik zou ze moeten opzoeken, maar ik durf niet goed ... Dat is te emotioneel.
Mijn verhaal is het verhaal van ongelooflijk veel Brusselaars. Heel veel mensen komen hier terecht en voor hen kan Brussel, dankzij de sociale politiek die hier al decennia wordt gevoerd, een springplank zijn. Dat dreigt nu grotendeels door het beleid van de federale regering kapot te worden gemaakt.
Mijn onderzoek heeft me soms diep ontroerd. De stem van de arbeiders- en de onderklasse wordt in de media en de politiek amper écht gehoord. Er wordt eerder op hen neergekeken als ‘de ander’. Die mannen lezen voelde alsof ik de stemmen uit mijn jeugd opnieuw hoorde. Dat deed me enorm goed.
Maar identiteit is niet alles. Jos Geysels (minister van Staat en voormalig politicus voor Groen, red.), een witte middenklassenman die nooit armoede heeft gekend, schrijft er wel uitstekende boeken over. Die man is meer dan zijn identiteit.

“Heel veel mannen zien zorgen voor hun naasten als een basiswaarde om hun leven zin te geven”

Celia Groothedde

Groen-politica en auteur

Een witte middenklassenman kan schrijven over armoede. Kan een vrouw dan net zo goed schrijven over de manosphere?
Groothedde: Persoonlijk verwelkom ik elke bondgenoot in elke zaak. En ik hoop dat dat bij mij dan ook zo zal zijn.

Maar missen we mannen die zo’n boek moeten schrijven?
Groothedde: Moeten is een groot woord. Het is belangrijk dat we niet als uitgangspunt nemen dat mannen toxisch zijn. Een tiener of een man googelt niet: “Ik wil graag meer toxische mannelijkheid in mijn leven.” Dat is misschien ook de reden waarom ik ervoor pleit om er anders over te gaan praten. Zij willen oplossingen, zij willen dialoog. En heel wat mannen bouwen dat vandaag al op. Dat is mooi, en daar mag gerust meer mee gedaan worden. Als je jezelf herkent in bepaalde stemmen en ziet dat anderen nieuwe paden bewandelen, kan dat ook voor anderen veel betekenen.


Wees een man! Voorbij de mano­sphere van Celia Groot­hedde, Standaard Uitgeverij, 304 blzn., 24,99 euro

View the original on Bruzz →

KioskNews shows a cleaned-up reading view extracted from the publisher’s page — the original always lives on their site, not ours.