Geen Nederlandse roeimedaille bij nieuw olympisch onderdeel beach sprint

Het WK roeien beach sprint in het Chinese Qingdao heeft geen Nederlandse medaille opgeleverd. Dit onderdeel van kustroeien wordt in 2028 voor het eerst een olympische discipline.
Namens Nederland traden Isabel van Opzeeland en Michiel Mantel dinsdag aan in de kwartfinale van de gemixte dubbeltwee-categorie, waarin werd verloren van Spanje.
Bij deze roeivorm heeft elke roeier in de linker- en rechterhand een roeiriem, scullen genoemd. Beach sprint begint en eindigt met een sprint rennend over het strand. Deze roeiwedstrijden vinden plaats op de golvende open zee, in tegenstelling tot het traditionele roeien op rustig water.
Dinsdag begonnen de vrouwelijke roeiers rennend over het strand, richting hun mannelijke ploeggenoot, die bij de wedstrijdboot wachtte. De Spaanse Teresa Diaz Moreno deed dit iets sneller dan Van Opzeeland, waardoor de Nederlanders al vroeg tegen een achterstand aankeken.
Vanaf het strand is het 250 meter roeien naar de keerboei, waarna de roeiers ook weer 250 meter terug richting het strand moeten. Ook op het keerpunt hadden de Spanjaarden nog een riante voorsprong.
Bij aankomst terug op het strand bedroeg de achterstand nog maar vier seconden. Op dat punt zat het duel voor de vrouwen erop en stond de mannen nog een sprint van 25 meter over het strand te wachten. Hoewel Michiel Mantel dit sneller deed dan tegenstander Miguel Salas Cordoba, was het niet genoeg voor TeamNL. Cordoba bereikte na 2 minuten en 52 seconden de finish en drukte op de rode knop. Mantel deed dit twee seconden later.
Van Opzeeland kwam voor Nederland ook al uit in de vrouwenskiff. In die eenpersoons-roeiboot plaatste ze zich via de tijdritten voor de knock-outs en werd daarin uitgeschakeld door een Portugese opponente.
Bij de mannen nam Amos Keijser plaats in de skiff. Hij eindigde in de tijdritten op een 22ste en 36ste plaats, wat niet genoeg was om mee te doen aan de knock-outronde.
KioskNews shows a cleaned-up reading view extracted from the publisher’s page — the original always lives on their site, not ours.