Vorig jaar 154.000 dieren overleden in Brusselse labo's: 'Verspilling van dierenlevens'

Bijna alle dieren die voor experimenten werden gebruikt, waren muizen (meer dan negen op de tien). Daarnaast ging het onder meer om zebravissen en ratten, en in kleinere aantallen om cavia’s, varkens en kippen.
De meeste dieren werden ingezet voor fundamenteel onderzoek, dat vooral kennis wil opbouwen zonder meteen een praktische toepassing. Slechts een klein deel, ongeveer één op de tien, werd gebruikt voor onderzoek dat ontdekkingen moet omzetten in concrete toepassingen.
Ongeveer 5.700 dieren ondergingen proeven van “ernstige” intensiteit, die veel lijden veroorzaken en soms tot de dood leiden. Bij ruim 15.000 dieren was de intensiteit “matig”, bij ruim 20.000 “licht”.
Toch is het aantal gebruikte proefdieren gedaald tot het laagste niveau in tien jaar. In 2016 lag het aantal bijna twee keer zo hoog.
'Er bestaan alternatieven'
S.E.A. betreurt vooral dat zoveel dieren worden gebruikt voor fundamenteel onderzoek dat volgens de organisatie bijna nooit tot medische vooruitgang leidt. Ze vindt ook dat er te veel dierproeven blijven plaatsvinden waarvan het nut betwist wordt, terwijl er alternatieven bestaan, zoals computersimulaties, celculturen, “organen op chip” en artificiële intelligentie.
Volgens de organisatie tonen studies bovendien aan dat het overgrote deel van de geneesmiddelen die op dieren worden getest, uiteindelijk niet werkt bij mensen.
Verder betreurt S.E.A. dat de meeste inspecties vooraf worden aangekondigd. Dat gebeurde bij 106 van de 129 controles. Volgens de organisatie kan de wet pas goed worden nageleefd als er ook regelmatig onaangekondigde controles zijn.
“De dieren lijden wel degelijk in de laboratoria, en veel proeven kunnen met foltering worden vergeleken. Dit is een verspilling van dierenlevens”, besluit S.E.A.
KioskNews shows a cleaned-up reading view extracted from the publisher’s page — the original always lives on their site, not ours.