Met krijtstift de gevel kleuren in Jette: 'Ik teken spookjes met Halloween'

“Ik vind het vrolijk. Liever zo dan een droge gevel”, vertelt Tatjana Eekman, over haar met krijtstift versierde raam. Ze heeft een opvallend Nederlands accent. Waar dat vandaan komt? “Ik heb heel mijn leven lang in Brussel gewoond en ook mijn ouders hebben geen roots in Nederland. Het accent heb ik te danken aan de Prinses Julianaschool, in Etterbeek. Daar lopen heel wat mensen die wel Nederlandse roots hebben school. Van hen heb ik het overgenomen.”
Over haar tongval wordt ze nog regelmatig aangesproken. “Intussen vind ik dat niet langer vervelend”, zegt Tatjana. “Er is een periode geweest dat ik het niet leuk vond, maar uiteindelijk is het deel van wie ik ben.”
“Vroeger waren de versieringen wel een pak gestructureerder”, grapt Tatjana over haar venster. “Onlangs waren er vriendinnetjes van mijn dochters op bezoek. Zij hebben allemaal hun naam op de ruit geschreven. Misschien mag zoiets niet overal, maar het is slechts krijtstift en het gaat er zo weer af.”
Verschillende scènes passeerden al de revue. “Met kerst staat er een kersttafereel en met Halloween teken ik spookjes op het venster. Ik neem een beetje de leiding en de kinderen helpen dan wat mee. Sinds een aantal maanden hangt hier ook een Rode Lijn voor Gaza, die doorloopt bij de buren, maar, zoals je ziet, is ze al lichtjes verkleurd.”
Tatjana, kind van een Duitse moeder en een Chileense vader, woont al veertien jaar achter deze gevel in Jette, samen met haar partner en twee kinderen. Na de staatsgreep in 1973 werd haar vader het land uitgezet. Hij kwam naar Brussel en leerde de moeder van Tatjana kennen. Opgroeien deed ze in Evere en Sint-Lambrechts-Woluwe. Ze woonde ook een tijdje in een appartement in Schaarbeek.
“Toen ik net verhuisde naar Jette, veertien jaar geleden, had ik er wel wat lastig mee. We hadden nog geen kinderen en ik ben echt een stadsmens”, zegt ze. “Zeker aan deze kant van het spoor (de kant van het Koning Boudewijnpark, red.) is het echt rustig. Moet je weten: in het begin werd ik om zes uur 's ochtends wakker van de ganzen die overvlogen. ‘Oké, wat is dit hier?' dacht ik. Het voelde niet helemaal als stad aan. In Schaarbeek, waar ik voorheen woonde, was op elke straathoek wel een durumzaak. Hier is dat niet. Al een geluk dat er tegenwoordig apps als Takeaway bestaan”, grapt ze.
Midden in het groen
Intussen vindt Tatjana het hier superleuk, vertelt ze, “net omdat het hier heel erg rustig is en niet als stad aanvoelt”. “Omdat er eenrichtingsverkeer geldt, is er niet veel doorgaand verkeer. Regelmatig hoor je wel de sirenes van een ambulance of een overvliegend vliegtuig, maar al bij al valt dat wel mee. Dat we midden tussen het groen zitten, is fantastisch. Onze kinderen wandelen door een park naar school. Soms denk ik dat ze meer in het groen zitten dan kinderen op het platteland die met de wagen naar school gebracht worden.”
Hoe haar buurt de afgelopen veertien jaar veranderde? “Goh, eigenlijk wil ik 'niet' zeggen, maar dat klopt niet. Niet enorm veel. Deze buurt is nog meer vernederlandst. Elk huis dat hier te koop staat, wordt wel gekocht door een koppel waarvan een van de twee Nederlandstalig is. Ik heb het gevoel dat de Dansaertvlaming, die beseft dat midden in de stad met kinderen wonen toch niet ideaal is, dan maar naar hier verhuist. Ongelijk kan ik ze niet geven: je zit in het groen, hebt op de hoek het beste ijssalon ter wereld en staat met de trein in zes minuten in Brussel-Noord.”
Net als haar partner werkt Tatjana voor de Vlaamse Gemeenschapscommissie van het Brussels parlement. Ze doet er onder meer de communicatie. “Het is een zeer interessante job”, zegt ze. “Als kleine wereldverbeteraar is het toch fijn om iets terug te kunnen doen voor je stad.”
KioskNews shows a cleaned-up reading view extracted from the publisher’s page — the original always lives on their site, not ours.