Bollywood HungamaBREAKING: Jailer 2 ends with the promise of third part; Hrithik Roshan's massy special appearance has a Chulbul Pandey connection (Spoilers ahead)ESPNTransfer rumors, news: Liverpool eye move for Juventus' KaluluCNN TürkBakan Çiftçi duyurdu: 48 il için sarı, 5 il için turuncu kodlu uyarı!The Jerusalem Post'Mother of all bombs': US potential Iran strike plans include largest non-nuclear weapon - reportPunchWhy I stepped away from football – SouthgateESPN DeportesBrewers gana a Dodgers y lo tiene a un triunfo de la barrida한겨레국가 지원 ‘청년 첫 연금’도 양극화…사전신청 70% “부모가 대신”InquirerSenators deny 2027 budget used to pressure them to convict Sara DuterteThe South AfricanOrlando Pirates injury news: Nduli, De Jong, Mbatha, DlaminiUOLEleitores com dificuldade de locomoção podem pedir transporte gratuito para votar; veja comoZDF heuteEntdecken Sie das ZDF-NachrichtenstudioGIGAZINESakana ChatにAIの記憶を可視化する新機能「My Fish」が登場、覚えている内容や記憶同士のつながりを確認可能に
The Daily Newsstand · Free, Always
Thursday, October 15, 2026

WO II en fascisme domineren het cultuuraanbod: uit angst voor herhaling?

Translate

‘Notre Salut’ van Emmanuel Marre volgt het parcours van de overgrootvader van de regisseur.

Van theaterpodia tot bioscoopschermen: de Tweede Wereldoorlog en het fascisme zijn nadrukkelijk aanwezig in het Brusselse cultuuraanbod. Die terugkeer is niet zonder betekenis. “Als mensen geen perspectief meer zien, grijpen ze terug naar de trauma's van het verleden”, verklaart historicus Pieter Lagrou de vernieuwde aandacht.

In januari van dit jaar haalde Bozar de Amerikaanse historicus Timothy Snyder naar de Henry Le Boeufzaal. De tickets waren in een paar dagen uitverkocht. Snyders naam brak internationaal door met On Tyranny (2017), waarvan meer dan 1,4 miljoen exemplaren over de toonbank gingen. Het boek verscheen na de verkiezing van Donald Trump en biedt burgers een praktische gids om zich tegen autoritarisme te verzetten. Snyder, expert in nazisme, Holocaust en hedendaags Oekraïne, kwam in Brussel om een vraag op te werpen die veel verder reikt dan het verleden: wat leert de geschiedenis ons over het verzet tegen de afbrokkeling van de democratie?

Die vraag duikt de laatste tijd ook steeds nadrukkelijker op in de Brusselse theater­zalen. In zijn seizoenseditoriaal voor 2024-2025 waarschuwde Pierre Thys, directeur van het Théâtre National Wallonie-­Bruxelles, dat “het fascisme altijd wel een manier vindt om terug te keren en zich in de haarvaten van de samenleving te nestelen”. Een seizoen later riep hetzelfde theater op om “het eigen lichaam te transformeren tot een vorm van verzet”.

Afgelopen september boog het TheaterFestival zich in de KVS over de vraag: 'Kunst in de greep van uiterst rechts?' De bijeenkomst kwam er in samenwerking met Etcetera, het kritische podiumkunstentijdschrift dat er zijn nieuwe nummer voorstelde. Op de cover stond in grote zwarte letters één woord: FASCISME. De illustratie was al even expliciet: acteur Josse De Pauw, met zijn arm in het gips, vastgelegd in een verstarde Mussolini-groet.


Helden van het verzet


Volgend voorjaar opent dramaturge en onderzoekster Bojana Cvejić in KANAL-­Centre Pompidou het derde luik van haar project Figures of Fascism and Antifascist Solidarities. Met lezingen, films en performances wil ze het publiek aan het denken zetten over wat antifascistisch verzet vandaag kan betekenen. Haar uitgangspunt laat weinig ruimte voor twijfel: “Het fascisme rukt wereldwijd op. Ook België blijft niet buiten schot: onze regering snoeit niet alleen in de sociale bescherming, maar ook in de financiering van kritische stemmen. Ook kunstenaars zijn daarvan het slachtoffer.”

“Onder fascisme vallen ook racisme, verzet tegen immigratie, transfobie en discriminatie van mensen met een beperking”

Dramaturge

Cvejić hanteert een brede invulling van het begrip fascisme. “Daar vallen ook racisme, verzet tegen immigratie, transfobie en discriminatie van mensen met een beperking onder.” Als tegengewicht zet ze in op solidariteitsprojecten waarin kunstenaars samenwerken “met mensen die het hardst door fascisme worden getroffen, onder wie migranten”.


Toeval of symptoom van de tijdgeest? Ook elders in Brussel duiken dit seizoen opvallend veel producties op die teruggrijpen naar de Tweede Wereldoorlog, zonder dat er een specifieke herdenking aan ten grondslag ligt.


Dit najaar belicht Cinematek de films die tijdens de oorlog onder de Duitse bezetting in België werden vertoond. Op 8 mei organiseerde de KVS een Verzetscafé. Het initiatief van de vzw Helden van het verzet krijgt in oktober een vervolg op verschillende Brusselse locaties. Later die maand duiken het Vlaams Radiokoor en I Solisti in Flagey in een werk dat tijdens de Tweede Wereldoorlog in het geheim tot stand kwam: Figure humaine, de cantate van Francis Poulenc.


Maar nergens is de hernieuwde belangstelling voor de Tweede Wereldoorlog dit najaar zo zichtbaar als in film en televisie. In november komt Le Faux Soir van de Brusselse Michaël R. Roskam uit, over een gedurfde verzetsdaad: de verspreiding van een vervalste editie van Le Soir in 1943, die de door de bezetter gecontroleerde krant nabootste om de vijand belachelijk te maken. Regisseur Michaël R. Roskam, die met Rundskop en Le Fidèle vooral naam maakte met overvallen en personages op het scherp van de snee, waagt zich nu aan het bezette België, zonder zijn voorliefde voor spanning op te geven.


Een vergelijkbare koerswijziging valt ook op te merken bij Oscar-genomineerde Lukas Dhont. Met Coward verruilt de regisseur van Girl en Close de uitgesproken hedendaagse decors van zijn eerdere films voor de loopgraven van de Eerste Wereldoorlog. “De tijden zijn zo somber en brutaal dat we naar fictie grijpen”, vertelde Dhont onlangs aan De Tijd. Met Liam Jacqmin en Jef Jacobs spelen ook twee Brusselaars mee.

BRZ 20261014 1995 fascismelefauxsoirt

‘Le Faux Soir’ van Michaël R. Roskam gaat over een gedurfde verzetsdaad: de verspreiding van een vervalste editie van de krant in 1943.

Tijdens Film Fest Gent, dat dit jaar in het teken staat van 'Oorlog in tijden van kunst', gaan ook de eerste afleveringen van Breendonk, de nieuwe reeks van Streamz en VRT, in première. Het idee kwam van acteur Kevin Janssens, die de hoofdrol speelt en de reeks regisseerde. Als tiener bezocht hij voor het eerst de voormalige SS-gevangenis en het doorgangskamp van Breendonk (lees ook 'Breendonk en de bloedige band met Brussel'). Hij keerde keer op keer terug naar het memoriaal, tot het idee voor de reeks uiteindelijk op een half A4'tje belandde. Coregisseur en coscenarist Filip Lenaerts was er meteen voor gewonnen.


Dooddoener


In plaats van uitsluitend de Duitse misdaden centraal te stellen, verlegt de reeks de aandacht naar de Vlaamse en Belgische bewakers die hun eigen landgenoten moesten bewaken. Hoofdpersonage Hendrik Vaes is op zulke mannen geïnspireerd. “We wilden een personage creëren dat zich in een grijze zone tussen goed en kwaad bevindt”, legt Lenaerts uit. “Het was belangrijk dat kijkers zich konden herkennen in de personages en hun psychologische dilemma's.” Volgens hem zet Breendonk ook aan tot nadenken over “toxisch gedrag, van pesterijen op de werkvloer tot onlinepesten”.


“Het verhaal van Breendonk vertellen is alleen maar urgenter en actueler geworden.” Lenaerts ziet dezelfde mechanismen terugkeren in uiteenlopende contexten: de uitholling van de democratie in de Verenigde Staten of de inperking van LGBTQIA+-rechten.

Kevin Janssens, Breendonk

Kevin Janssens als Hendrik Vaes, in de reeks 'Breendonk'. “We wilden een personage creëren dat zich in een grijze zone tussen goed en kwaad bevindt.”

“Het valt op dat verschillende regisseurs van mijn generatie opnieuw naar die geschiedenis kijken”, zegt de Brusselse Fransman Emmanuel Marre (46), wiens film Notre Salut momenteel in de zalen loopt. “Wij hebben nog mensen gekend die de oorlog zelf hebben meegemaakt. Vandaag verdwijnt die groep door ouderdom. Tegelijk liggen de gebeurtenissen inmiddels drie of vier generaties achter ons, waardoor we er met meer afstand naar kunnen kijken.”


Klassieke oorlogsfilms dreigen volgens Marre te vervallen in een soort “museale vitrinekijk”. Hij kiest voor een licht schokkerige cameravoering, zoals in documentaires, met hun beweeglijke camerawerk en plotse zooms, speelt met anachronistische muziekkeuzes en laat zijn acteurs improviseren. Hun dialogen klinken daardoor natuurlijker.


Notre Salut, dat in Cannes de prijs voor het beste scenario won, volgt het parcours van Henri Marre, de overgrootvader van de regisseur. Hij wordt vertolkt door Swann Arlaud (Anatomie d'une chute). In 1940 trekt Henri naar Vichy, waar het collaborerende Franse regime zetelt, in de hoop een plek binnen het overheidsapparaat te veroveren. Een opportunist als zovele anderen, die de Franse nederlaag aangrijpt om zijn gekrenkte ego te herstellen.

“Als het echte fascisme ooit terugkeert, welke woorden zullen we dan nog over hebben?”

Emmanuel Marre

Filmregisseur

“De banaliteit van het kwaad, zoals Hannah Arendt die beschreef, is intussen soms een beetje een dooddoener geworden”, vindt Marre. Het probleem herleiden tot een arbeidsverdeling waarbij niemand nog het volledige systeem overziet, zou volgens hem al te gemakkelijk zijn. In de film worden verschillende personages met dezelfde keuze geconfronteerd, maar ze nemen niet noodzakelijk dezelfde beslissing.


De regisseur herkent bovendien iets van zichzelf in zijn overgrootvader. “Veel mensen hebben me gezegd dat Henri Marre een nietsnut was, maar er zijn ook dingen in hem waarin ik mezelf herken. Precies dat houdt me bezig.” Hij verwijst onder meer naar het contrat d'engagement républicain, dat bepaalde subsidieontvangers in de Franse regio Auvergne-Rhône-Alpes moeten ondertekenen. Het contract verbiedt onder meer handelingen die de Franse vlag of het imago van de politie aantasten. Aanvankelijk was Marre verontwaardigd bij de gedachte dat hij het document zou moeten ondertekenen.

Uiteindelijk stemde hij er toch mee in dat zijn ploeg een aanvraag voor productiesteun indiende. “Gelukkig werd de aanvraag afgewezen. Ik ben daarvan geschrokken. Ik vroeg me af: als ik nu al niet de moed heb om me hiertegen te verzetten, wat zal ik dan doen als de situatie veel ernstiger wordt?”


Allemaal fascisten?


Het gevoel dat er een verontrustende omwenteling op til is, herkent Marre bij heel wat toeschouwers, zeker nu de Franse verkiezingen naderen. “Tijdens de avant-premières in Frankrijk zeiden mensen me dat mijn film hun paradoxaal genoeg deugd deed. Hij bevestigde voor hen dat ze niet gek waren omdat ze bang zijn.”


Toch is Marre op zijn hoede voor woorden als 'fascisme', 'verzet' en 'collaborateur', die volgens hem te pas en te onpas worden gebruikt. “Als het echte fascisme ooit terugkeert, welke woorden zullen we dan nog over hebben?” Bij de uitreiking van zijn prijs in Cannes richtte hij zijn pijlen op “al wie vandaag de kleine baas uithangt en, zodra hij aan het hoofd staat van een staat of een bedrijf, begint te bombarderen en genocide te plegen”.

Swann Arlaud in Notre Salut

Emmanuel Marre herkent bovendien iets van zichzelf in zijn overgrootvader (gespeeld door de Franse acteur Swann Arlaud). “Veel mensen hebben me gezegd dat Henri Marre een nietsnut was, maar er zijn ook dingen in hem waarin ik mezelf herken. Precies dat houdt me bezig.”

Pieter Lagrou, hoogleraar aan de ULB en specialist in de Tweede Wereldoorlog, waarschuwt dat je politieke figuren een uitweg biedt als je verwacht dat ze aan alle klassieke kenmerken van het fascisme voldoen. “Trump en Netanyahu kunnen altijd tegenwerpen dat ze geen eenpartijstaat hebben ingevoerd en geen parades organiseren waarbij iedereen in ganzenpas loopt.” Ook Georges-Louis Bouchez zonder meer een 'fascist' noemen, zoals gebeurt in sommige middens, smoort volgens Lagrou een interessante reflectie in de kiem. “We moeten in debat treden en aantonen waarom zijn uitspraken ons vandaag tegen de borst stuiten, los van vergelijkingen met de jaren 1930.”


Lagrou modereerde bij Bozar het gesprek met zijn collega Timothy Snyder, maar is terughoudender dan hij om in te gaan op de vele verzoeken van journalisten die parallellen willen trekken tussen de jaren dertig, de Tweede Wereldoorlog en vandaag. “De geschiedenis herhaalt zich nooit”, benadrukt hij. Neem Brussel. In 1940 een arbeidersstad met een Vlaamse bevolking en het Frans als officiële taal, vandaag demografisch, cultureel en sociologisch een totaal andere hoofdstad. “Die twee versies van Brussel verschillen maximaal van elkaar.”


Lagrou begrijpt de onrust die vandaag ook in artistieke creaties tot uiting komt. “Als mensen geen perspectief meer zien, grijpen ze terug naar de trauma's van het verleden.” Toch schuilen er volgens hem ook bedreigingen voor de democratie in fenomenen die zich moeilijk met het verleden laten vergelijken en die je niet kunt begrijpen door de bril van de Tweede Wereldoorlog. “Kijk naar de algoritmes van digitale platformen, die de illusie wekken dat informatie vrij circuleert.”


Volgens Lagrou verraadt onze fixatie op de Tweede Wereldoorlog een diepgeworteld etnocentrisme: de gruwel raakt ons zo diep omdat we de misdrijven zelf hebben begaan tegen mensen die op ons lijken. “Wie deze blinde vlek overwint en de Tweede Wereldoorlog leert zien als onderdeel van een breder verhaal, met name de kolonisatie, kan pas echt de uitdagingen van onze kosmopolitische samenleving aan.”

“Wie voortdurend naar de jaren dertig en veertig kijkt, loopt het risico het heden niet meer te zien voor wat het werkelijk is”

Pieter Lagrou

Hoogleraar aan de ULB

Volgens Lagrou gaat de reflex om voortdurend naar de Tweede Wereldoorlog terug te grijpen deels terug op de jaren tachtig, toen extreemrechts in België en Frankrijk aan invloed won. Geschiedenisonderwijs en bezoeken aan Breendonk werden in die periode steeds nadrukkelijker voorgesteld als een dam tegen een nieuwe opmars van het fascisme. Wie het verleden kende, zo luidde de redenering, zou als nieuwe generatie immuun zijn voor racisme en vreemdelingenhaat.


Verkeerde lessen


Die veronderstelling klopt niet zomaar, waarschuwt Lagrou. “Tal van studies tonen aan dat er geen rechtstreeks verband bestaat tussen kennis van het fascisme en politieke opvattingen. Het idee dat je vanzelf menselijker, vriendelijker en verdraagzamer wordt naarmate je meer over die geschiedenis leert, houdt geen stand.” Hij haalt het voorbeeld aan van een video die aan het einde van een tentoonstelling in Kazerne Dossin in Mechelen wordt getoond. “De film toont een kind dat op de speelplaats wordt gepest. Die scène voorstellen als het prille begin van de gruwel van Auschwitz slaat nergens op.”


“We moeten ons kunnen losmaken van al die verkeerde lessen die we uit het verleden menen te trekken.” Wie voortdurend naar de jaren dertig en veertig kijkt, loopt het risico “het heden niet meer te zien voor wat het werkelijk is”.

View the original on Bruzz →

KioskNews shows a cleaned-up reading view extracted from the publisher’s page — the original always lives on their site, not ours.