Ook België ontsnapt niet aan ontslaggolf: overheid op zoek naar geld terwijl jobs, prijzen en koopkracht tegelijk onder druk staan — Analyse

- Grote bedrijven blijven fors in hun personeelsbestand snoeien, en de ontslaggolf breidt zich steeds verder uit buiten de technologiesector.
- Ook Belgische werknemers voelen de impact, met duizenden jobs die dit jaar opnieuw op de tocht staan bij bedrijven die herstructureren of activiteiten afbouwen.
- De inflatie in België loopt opnieuw op, terwijl vooral de fors duurdere energie de koopkracht van gezinnen onder druk zet.
- Tegelijk wachten gezinnen en bedrijven af welke beslissingen de Belgische overheid zal nemen, nu verschillende gevoelige thema’s zoals een btw-verhoging en besparingen in de sociale zekerheid op tafel liggen.
De ene grote werkgever na de andere kondigt herstructureringen en ontslagrondes aan. Wat in eerste instantie vooral een Amerikaans techverhaal leek, is intussen veel breder geworden. Ook Europese industriebedrijven, banken, telecomspelers en Belgische werkgevers snijden in hun personeelsbestand. En dat gebeurt op een bijzonder ongemakkelijk moment: de inflatie loopt opnieuw op, energie wordt duurder en de Belgische regering blijft naar besparingen zoeken. Voor werknemers wordt de combinatie steeds minder nijpender: meer onzekerheid over het inkomen, terwijl het leven tegelijk duurder wordt.
Herstructureringen volgen elkaar snel op
Wie de voorbije maanden het nieuws over de arbeidsmarkt heeft gevolgd, kan moeilijk nog spreken over enkele geïsoleerde ontslagrondes. Sinds het voorjaar kondigen grote ondernemingen wereldwijd de ene herstructurering na de andere aan.
Alleen al in de technologie waren volgens een door TechRadar aangehaalde tracking van TrueUp tegen midden september 2026 meer dan 185.000 ontslagen geregistreerd. Ter vergelijking: over heel 2025 ging het om meer dan 245.000 ontslagen in de sector. De cijfers zijn niet één-op-één vergelijkbaar en bevatten verschillende soorten herstructureringen, maar ze illustreren wel de snelheid waarmee bedrijven hun personeelsbestand aanpassen.
De golf blijft bovendien niet beperkt tot de Verenigde Staten of de technologiesector. Ook België ontspringt niet aan de dans, met grote werkgevers die herstructureringen en ontslagrondes aankondigen.
En september maakt duidelijk dat de ontslaggolf allerminst voorbij is.
September brengt nieuwe reeks grote ontslagrondes
Neem Uber. Het Amerikaanse mobiliteitsbedrijf kondigde begin september aan ongeveer 3.300 banen te schrappen, goed voor zowat 10 procent van het wereldwijde personeelsbestand. Volgens CEO Dara Khosrowshahi moet de organisatie eenvoudiger worden, met minder managementlagen en een grotere focus op investeringen in toekomstige groeigebieden. De onderneming wil onder meer miljarden investeren in autonome voertuigen.
Ook bij de Duitse auto-industrie blijft het mes erin gaan. Volkswagen werkt aan een historische herstructurering waarbij uiteindelijk ongeveer 100.000 banen geraakt kunnen worden, waarvan een belangrijk deel al eerder was aangekondigd. De groep kampt onder meer met hoge kosten, overcapaciteit en toenemende concurrentie van Chinese autobouwers.
Bij Porsche ontstond deze maand zelfs nieuwe onzekerheid over bijkomende ontslagen. Handelsblatt berichtte over mogelijk nog eens ruim 4.000 banen, maar Porsche-CEO Michael Leiters ontkende vervolgens dat er plannen zijn om bovenop de reeds afgesproken ontslagen nog eens 4.000 werknemers te schrappen. Die extra ontslagen mogen dus niet als een vaststaand feit worden beschouwd.
Ook elders klinkt dezelfde boodschap: efficiënter werken, kosten verlagen, activiteiten herschikken en investeren in nieuwe technologie.
Bij Novo Nordisk bijvoorbeeld zijn in een jaar tijd ongeveer 13.000 werknemers uit het personeelsbestand verdwenen. Daarvan waren er 9.000 het gevolg van de grote herstructurering van 2025. De bijkomende 4.000 zijn volgens het bedrijf niet allemaal ontslagen: het gaat ook om natuurlijke uitstroom, pensioneringen, vrijwillige vertrekken en functies die niet opnieuw werden ingevuld. Niet iedereen die uit een personeelsbestand verdwijnt, wordt daadwerkelijk ontslagen. Maar het onderliggende beeld blijft hetzelfde: grote bedrijven zijn veel voorzichtiger geworden met hun personeelsbestand.
Niet alleen in technologiesector
De ontslaggolf beperkt zich bovendien al lang niet meer tot Silicon Valley.
Omnicom, een van de grote internationale reclamegroepen, plant volgens de aangeleverde gegevens ongeveer 15.000 banen te schrappen tegen eind 2026. Bilfinger wil wereldwijd tot 1.500 functies schrappen. Jaguar Land Rover mikt op ongeveer 4.000 banen minder, terwijl Swiss Life tot 600 functies wil schrappen.
In de luchtvaart, industrie, retail en financiële sector worden eveneens banen geschrapt. Lufthansa kondigde een programma aan dat uiteindelijk ongeveer 4.000 kantoorfuncties moet doen verdwijnen. Truist Bank sluit een activiteit rond autoleningen, waardoor ongeveer 205 werknemers hun baan verliezen.
En dan is er natuurlijk AI. Bij sommige bedrijven is artificiële intelligentie expliciet onderdeel van de verklaring voor de herstructurering. Oracle, die eerder dit jaar 21.000 jobs schrapte, schreef bijvoorbeeld dat de invoering van AI-technologie kan leiden tot een vermindering van het personeelsbestand. Andere bedrijven benadrukken dan weer dat AI niet de directe aanleiding is en wijzen op reorganisaties, kostenbesparingen, gewijzigde marktomstandigheden of een verschuiving van investeringen.
Het zou dan ook te eenvoudig zijn om elke ontslagronde als een rechtstreeks gevolg van AI te bestempelen.
Ook in België stapelen de herstructureringen en onzekerheden zich op.
D’Ieteren Automotive kondigde begin september een transformatieplan aan waarbij tot 344 banen in België op de tocht staan. Het bedrijf verwijst onder meer naar structurele veranderingen in de automarkt, de verduurzaming van het wagenpark, nieuwe mobiliteitsdiensten, digitalisering en toenemende internationale concurrentie.
Ook bij toeleverancier Plasman stonden banen op de helling door de aanhoudende problemen in de Europese automobielsector.
Ook bij Clarebout Potatoes staat de toekomst van een belangrijke Belgische productiesite op het spel. Het bedrijf kondigde op 8 september aan dat het de productieactiviteiten in Moeskroen 1 mogelijk wil stopzetten. De onderneming wijst daarbij op overcapaciteit, toenemende concurrentie en stijgende kosten in de markt voor diepgevroren aardappelproducten. Er is een informatie- en consultatieprocedure opgestart, waardoor het aantal definitieve ontslagen nog niet als vaststaand cijfer kan worden beschouwd.
Bij H&M is de situatie concreter: de retailer wil zijn distributiecentrum in Ghlin sluiten, waardoor volgens de aangeleverde bronnen 440 werknemers betrokken zijn bij het collectieve ontslag.
Van retail tot casino en bpost
Ook badkamer- en verwarmingsspecialist Van Marcke kondigde vorige week een grootschalige herstructurering aan. Het Kortrijkse bedrijf wil zijn winkels verkopen en later een deel ervan opnieuw huren, waarbij de totale winkeloppervlakte ongeveer gehalveerd zou worden. Hoeveel jobs op de tocht staan, is nog niet bekend. Tussen 2023 en 2025 schrapte Van Marcke al ongeveer 400 jobs, voornamelijk in België.
Bij vleeswarenproducent DeliBarn, het vroegere Pluma, staan in Wommelgem zo’n 300 jobs op het spel. Na het wegvallen van een belangrijk leveringscontract wil het bedrijf de site verkopen. Tot er een overnemer is gevonden, blijft de productie wel doorgaan.
Zelfs bij bpost staat een besparingsoperatie op stapel die gevolgen kan hebben voor de dienstverlening en het personeel. Een nieuw overheidsvoorstel bedreigt de toekomst van 33 postkantoren, waaronder 21 in Vlaanderen. De federale regering wil vanaf 2027 structureel 50 miljoen euro per jaar besparen op de vergoeding voor bpost. Het postbedrijf benadrukt dat het naakte ontslagen wil vermijden en werknemers waar mogelijk binnen de organisatie wil herplaatsen. Of het nieuwe plan wordt goedgekeurd, moet nog blijken.
Ook in Brussel staan jobs op het spel bij Viage. Daar dreigt een mogelijke sluiting 286 banen te raken. De onzekerheid houdt verband met de toekomstige casino-exploitatie en een juridische procedure rond de nieuwe concessie.
De officiële Belgische cijfers tonen tegelijk dat de ontslaggolf niet noodzakelijk uitsluitend groter wordt door enkele megadossiers. In de eerste helft van 2026 kondigden 63 Belgische ondernemingen een voornemen tot collectief ontslag aan, goed voor 5.115 bedreigde jobs. In dezelfde periode vorig jaar ging het om 59 ondernemingen en 5.290 bedreigde jobs. Het aantal bedreigde banen ligt daarmee nauwelijks lager, terwijl het aantal betrokken bedrijven zelfs iets hoger ligt. Bovendien betekenen die aankondigingen niet dat al die jobs uiteindelijk verdwijnen. Bij procedures die in de eerste helft van 2026 werden afgerond, waren aanvankelijk 4.539 werknemers betrokken, maar uiteindelijk werden 4.072 werknemers daadwerkelijk ontslagen.
De federale overheid houdt daarvoor zelf statistieken bij via de FOD Werkgelegenheid. Die cijfers omvatten aangekondigde collectieve ontslagen en worden verzameld via de wettelijke meldingsprocedure.
Minder inkomen, terwijl de kosten blijven stijgen
Voor de economie is een ontslaggolf in de eerste plaats een arbeidsmarktverhaal. Voor een gezin is het iets veel concreters.
Een werknemer die zijn baan verliest, ziet niet alleen zijn inkomen veranderen. Plannen voor een woning, een renovatie, een nieuwe auto of een grotere aankoop kunnen plots worden uitgesteld. Wie een gezin onderhoudt, heeft bovendien minder ruimte om financiële tegenvallers op te vangen.
Dat komt op een bijzonder slecht moment, want de koopkracht staat opnieuw onder druk.
De Belgische inflatie bedroeg in augustus 2026 volgens Statbel 3,97 procent op basis van de nationale consumptieprijsindex. Volgens de Europese geharmoniseerde maatstaf bedroeg de inflatie zelfs 4,2 procent. In juli was dat nog respectievelijk 3,56 en 3,6 procent.
Vooral energie duwt de prijzen opnieuw hoger. Aardgas was in augustus 24,9 procent duurder dan een jaar eerder, elektriciteit 7,8 procent en huisbrandolie maar liefst 67,5 procent.
Dat betekent niet automatisch dat iedere Belg exact 4 procent koopkracht verliest. Lonen en uitkeringen worden in België voor bepaalde groepen (gedeeltelijk) geïndexeerd, waardoor een deel van de prijsstijging wordt opgevangen. Die bescherming is echter niet langer voor iedereen dezelfde. De nieuwe ‘centenindex‘ beperkt de indexering van hogere lonen en uitkeringen, waardoor voor miljoenen Belgen een deel van de prijsstijging niet wordt gecompenseerd.
Wanneer de prijzen sneller stijgen dan het beschikbare inkomen, wordt de financiële speelruimte dus kleiner. En voor wie tegelijk met werkonzekerheid wordt geconfronteerd, kan dat verschil bijzonder zwaar doorwegen.
Duurdere energie zet koopkracht verder onder druk
De energiefactuur is intussen opnieuw een belangrijke schakel in het verhaal. Europa probeert zijn afhankelijkheid van Russisch gas af te bouwen, maar is daardoor sterker aangewezen op de internationale lng-markt. Die markt staat momenteel zelf onder druk door de geopolitieke spanningen in het Midden-Oosten. Tegelijk zijn de Europese gasvoorraden relatief laag. Op 20 september was ongeveer 69,6 procent van de Europese opslag gevuld, tegenover ongeveer 59,8 procent in België. De Europese gasbenchmark stond rond 81 euro per megawattuur, ongeveer 150 procent hoger dan een jaar eerder.
Dat raakt niet alleen de industrie. Hogere gasprijzen werken door in de elektriciteitsprijs en uiteindelijk ook in de kosten van bedrijven en gezinnen. Voor de Europese economie is dat een bijzonder lastige combinatie: energie wordt duurder op hetzelfde moment dat de inflatie opnieuw oploopt. Volgens een recente analyse van Business AM was energie in augustus goed voor 1,29 procentpunt van de jaarlijkse inflatie in de eurozone.
Ook aan de pomp is de impact zichtbaar. De Belgische dieselprijs steeg op 22 september voor het eerst boven 2,50 euro per liter, waarmee het vorige record van 2,489 euro uit april werd gebroken. De stijging kwam er tegen de achtergrond van de spanningen op de oliemarkt door het conflict in het Midden-Oosten.
Voor gezinnen betekent dat een hogere rekening voor verwarming, elektriciteit en vervoer. Voor bedrijven komen daar hogere productie-, transport- en financieringskosten bovenop. Dat maakt de combinatie met de huidige ontslaggolf des te relevanter: wie zijn inkomen ziet wegvallen, krijgt die hogere vaste en variabele kosten niet zomaar mee omlaag.
Belgische regering verhoogt de druk op de ketel
Alsof de economische druk nog niet volstaat, staat ook de Belgische begroting voor een moeilijke oefening. Premier Bart De Wever (N-VA) heeft een eerste begrotingskader op tafel gelegd dat voor ongeveer 14 miljard euro aan maatregelen bevat. De regering wil uiteindelijk tegen 2029 ongeveer 10 miljard euro vinden om de overheidsfinanciën op orde te krijgen en aan de Europese uitgavenregels te voldoen.
Een deel van die oefening zou ook via extra inkomsten kunnen verlopen. Een van de pistes die op tafel liggen, is een hervorming van de btw. In de startnota wordt onder meer gekeken naar een verhoging van het standaardtarief van 21 naar 22 procent. Ook een herschikking van de tarieven van 6 en 12 procent behoort tot de mogelijkheden. Er is voorlopig nog geen definitieve beslissing over een algemene btw-verhoging.
Dat is vanuit het oogpunt van de gezinnen een belangrijk detail. Een hogere btw wordt uiteindelijk verwerkt in de prijs die consumenten betalen. Bij een huishouden dat al geconfronteerd wordt met duurdere energie, hogere vervoerskosten en een inflatie die opnieuw oploopt, kan een bijkomende belastingdruk de financiële ruimte verder verkleinen.
De regering bekijkt tegelijk ook andere pistes, waaronder besparingen in de sociale zekerheid en hervormingen die de overheidsuitgaven moeten beperken. De uiteindelijke mix ligt nog niet vast en is onderwerp van onderhandelingen binnen de coalitie.
De economische druk komt hierdoor wel langs verschillende kanten tegelijk. Bedrijven proberen hun kostenstructuur aan te passen en schrappen banen, terwijl gezinnen geconfronteerd worden met hogere prijzen en minder financiële ruimte.
De arbeidsmarkt stort niet in, maar de economische signalen zijn moeilijk te negeren
Het zou overdreven zijn om op basis van deze ontslagrondes te besluiten dat de hele arbeidsmarkt aan het instorten is. Er zijn ook bedrijven die blijven investeren en nieuwe jobs creëren.
Een opvallend voorbeeld is de voormalige Audi-fabriek in Brussel. Het terrein krijgt een nieuwe eigenaar en moet volgens de plannen van Heylen Warehouses op termijn opnieuw tot 3.000 jobs kunnen opleveren.
Dat betekent dus niet dat overal banen verdwijnen. Maar voor werknemers verandert dat weinig aan de vraag die vandaag boven de markt hangt: hoe zeker is mijn inkomen nog, en hoeveel financiële ruimte heb ik als het misgaat?
Een huishouden dat al een groot deel van zijn inkomen aan vaste kosten besteedt, heeft weinig marge wanneer zowel de inkomsten als de uitgaven onder druk komen. Volgens Statbel ging in 2024 gemiddeld ongeveer een derde van het Belgische huishoudbudget naar wonen, waaronder huur, water, gas, elektriciteit en andere brandstoffen.
Wie daar nog een woonkrediet, kinderopvang, verzekeringen, transport en andere vaste lasten bovenop heeft, kan een inkomensschok moeilijk maandenlang opvangen. En precies die combinatie maakt de huidige periode zo precair: het inkomen kan plots verdwijnen, terwijl de facturen gewoon blijven komen.
De echte economische test moet nog komen
De hamvraag is dan ook wat er gebeurt wanneer al die bewegingen tegelijk op de economie beginnen te wegen. Hoe zullen gezinnen de besparingen en mogelijke belastingverhogingen verteren? Hoe reageren bedrijven wanneer hun kosten oplopen en de vraag onder druk komt? En hoeveel ruimte blijft er dan nog over voor investeringen, consumptie en jobcreatie?
De eerste signalen zijn alvast niet geruststellend. De Belgische economie kwam in het voorjaar vrijwel tot stilstand en hoewel de Nationale Bank voor het derde kwartaal opnieuw een beperkte groei verwacht, waarschuwt Voka’s hoofdeconoom Bart Van Craeynest dat recessierisico’s voor de komende maanden reëel blijven. Hogere energieprijzen, oplopende loonkosten en een hogere rente kunnen de economie verder afremmen.
De ontslaggolf is daarmee mogelijk meer dan een optelsom van afzonderlijke bedrijfsbeslissingen. De grote vraag is hoe de Belgische economie de combinatie van jobverlies, duurdere energie, hogere prijzen en een overheid die tegelijk stevig op de rem moet gaan staan, zal verteren.
Volg Business AM ook op Google Nieuws
Wil je toegang tot alle artikelen, geniet tijdelijk van onze promo en abonneer je hier!
KioskNews shows a cleaned-up reading view extracted from the publisher’s page — the original always lives on their site, not ours.