Vier op de tien Brusselse huishoudens betalen geen belasting

Opiniemaker en De Tijd-columnist Rik Van Cauwelaert beweerde vorige week in het tv-programma Terzake dat 70 procent van de Brusselaars geen personenbelasting betaalt. Dat is een overdrijving, zo blijkt uit de officiële cijfers van de statistiekbureaus Statbel en Bisa. Zij bevestigen wel zijn stelling dat de fiscale draagkracht van het gewest beperkt is en afbrokkelt.
De meest recent beschikbare cijfers gaan over het inkomstenjaar 2023 (aanslagjaar 2024). De fiscus ontving in totaal 791.621 aangiften uit het Brussels Gewest. Achter één aangifte gaat één fiscaal huishouden, een alleenstaande of een koppel, schuil.
Het gaat om 662.954 aangiften met een positief belastbaar inkomen en 128.667 aangiften zonder belastbaar inkomen. Of nog: in bijna een op de zes dossiers valt er niets te belasten, omdat er geen inkomen is.
De ultieme vraag
Voormalig Brussels minister van Werk Bernard Clerfayt (Défi) verwijst in een kritische reactie op Van Cauwelaert op X naar het cijfer van 662.954 aangiften met een belastbaar inkomen, maar dat vertelt nog niet hoeveel er effectief belasting moeten betalen.
De ultieme vraag is immers: hoeveel aangiften leiden, na verwerking door de fiscus, uiteindelijk tot de betaling van inkomstenbelasting? Dat zijn er 451.740, telt het Bisa, wat neerkomt op 57 procent van alle aangiften.
Omgekeerd: 43 procent van de aangiften, of 339.881 fiscale huishoudens, resulteert in geen te betalen inkomstenbelasting. Dat is een groter deel van de aangiften dan in 2014. Toen betaalde 35 procent van de fiscale huishoudens geen belastingen.
Arm en rijk
Van Cauwelaert redeneert dat een nieuwe staatshervorming onvermijdelijk is, omdat het Brussels Gewest geen duurzame fiscale basis heeft en daardoor niet houdbaar is als zelfstandige politieke entiteit.
Hij haalde in de VRT-studio aan dat 90 procent van de inkomsten uit de personenbelasting afkomstig is van slechts 15 procent van de bevolking en dat 34 procent van de Brusselaars in armoede leeft.
Dat 15 procent van de Brusselaars goed zou zijn voor 90 procent van de geïnde personenbelasting, vond hij niet zelf uit, maar komt uit een interview met Pierre Hermant, de CEO van investeringsmaatschappij finance&invest.brussels, in Le Soir in juli vorig jaar. Hermant hoort het te weten, want hij behoorde toen tot een clubje topambtenaren dat de Brusselse financiën moest doorlichten.
De scheve verhouding wordt ook bevestigd door een gelijkaardige berekening door het Bisa: 95 procent van de geïnde personenbelasting wordt betaald door de 25 procent grootste bijdragers.
Het aangehaalde armoedecijfer is de zogeheten AROPE-indicator, die aangeeft welk deel van de bevolking het risico loopt op armoede of sociale uitsluiting. Met afgerond 34 procent in 2025 ligt het aandeel in het Brussels Gewest beduidend hoger dan in Wallonië (20 procent) of Vlaanderen (11 procent), zo becijferde het statistiekbureau Statbel.
Brusselaars in de ruimste zin
Van Cauwelaert blijft bij zijn cijfer van 70 procent niet-belastingbetalers, zegt hij in een toelichting aan BRUZZ. Zijn berekening slaat niet op de aangiftes, maar op alle individuele Brusselaars in de ruimste zin, dus inclusief kinderen, de tienduizenden EU- en NAVO-ambtenaren die elders belasting betalen en de tienduizenden sans-papiers in Brussel.
“Combineer dat met de 15-90-statistiek en de armoedegraad van 34 procent, en je komt in de buurt van 70 procent die geen belasting betaalt”, zo argumenteert hij.
Jonge bevolking
De cijfers over de personenbelasting bevestigen dat de belastingcapaciteit van het Brussels Gewest beduidend lager is dan in de andere regio’s. Maar ze vormen wel maar een deel van het fiscale verhaal, naast onder meer de belastingen op vennootschappen en de onroerende voorheffing.
Nog een nuance: Brussel is demografisch een jongere regio dan Vlaanderen en Wallonië, met in verhouding meer kinderen, studenten en beginnende werknemers die geen personenbelasting betalen.
Het Bisa en Clerfayt wijzen, elk afzonderlijk, ook op de honderdduizenden pendelaars die hun belasting niet betalen in Brussel, maar in Vlaanderen of Wallonië, waar ze wonen.
Bijdrage tot Belgische pot
Nog een nuance: het is niet zo dat het Brussels Gewest almaar minder bijdraagt aan de totale Belgische pot met personenbelastingen, zo leert een vergelijking tussen 2023 en 2013. Het aandeel van de Brusselaars in de Belgische personenbelasting neemt zelfs lichtjes toe.
De fiscus inde in heel België 62,8 miljard euro belastingen op basis van de inkomens uit 2023. Het Brusselse Gewest leverde daar 5,3 miljard euro van. Dat komt neer op 8,4 procent van het Belgische totaal.
Tien jaar geleden was het Brusselse aandeel 8,2 procent. “De dalende trend die in het midden van de jaren negentig was ingezet, is omgedraaid”, stelt het kabinet van de Brusselse minister van Financiën Dirk De Smedt (Anders) vast.
Het percentage ligt wel nog steeds beduidend lager dan het gewicht van de Brusselaars in de Belgische bevolking (10,6 procent). Ook Wallonië draagt minder dan proportioneel bij, wat uiteraard betekent dat het Vlaamse Gewest meer dan proportioneel bijdraagt.
KioskNews shows a cleaned-up reading view extracted from the publisher’s page — the original always lives on their site, not ours.