Dichter Maarten Goethals brengt dieren tot leven in nieuwe bundel ‘Carnaval’

Wat hebben een leeuw, een zwaan en een Aziatische ezel met elkaar gemeen? Ze spelen allemaal een rol in Le Carnaval des Animaux, het muzikale werk waarmee de Franse componist Camille Saint-Saëns aan het einde van de 19de eeuw de draak stak met de culturele elite van zijn tijd. Ruim een eeuw later vormt datzelfde werk de inspiratie voor Carnaval, de nieuwe dichtbundel van Maarten Goethals.
De bundel bevat vijftien gedichten, telkens geïnspireerd op een van de dieren uit het oorspronkelijke werk. De aanleiding was een muzikale productie van concertpianiste Marie François en acteur Koen De Bouw, die de muziek van Saint-Saëns combineerden met teksten. Toen François op zoek ging naar Nederlandstalige gedichten bleek die versie er niet te zijn. Goethals besloot daarom zelf een nieuwe cyclus te schrijven.
“Ik heb dat op drie maanden tijd gedaan”, vertelt hij. Dat gebeurde voor dag en dauw: Goethals stond maandenlang om zes uur op om, nog voor het aan werk te gaan bij BRUZZ, te schrijven.
Dieren die iets over mensen vertellen
Le Carnaval des Animaux bestaat uit vijftien muzikale delen waarin verschillende dieren worden uitgebeeld. Saint-Saëns schreef het werk in 1886, aanvankelijk als een grap. De componist had kort voordien een teleurstellende première achter de rug en trok zich terug op het Franse platteland. Wat als tussendoortje begon, groeide uit tot een van zijn bekendste composities.
De humor zit niet alleen in de muzikale imitaties van dieren, maar ook in de manier waarop mensen ermee worden geportretteerd. “De vraag is eigenlijk of de poëzie waarin de dieren worden beschreven iets zegt over de dieren, of eerder over de mensheid”, legt Goethals uit.
Die dubbele bodem spreekt hem aan. In de muziek klinkt de leeuw bijvoorbeeld als een vorst die door een balzaal schrijdt, terwijl de zwaan juist elegantie en sierlijkheid oproept. De dieren worden niet alleen nagebootst, ze dragen ook menselijke eigenschappen en houdingen in zich.
Verdwenen cultuur
Toch was het oorspronkelijke werk niet zonder meer bruikbaar als inspiratiebron. De teksten die bij de compositie horen, zitten vol verwijzingen naar het Frankrijk van de negentiende eeuw.
Ook sommige dieren zijn vandaag minder bekend. “Als je die teksten nu leest, snap je ze eigenlijk niet meer", zegt Goethals. "Die culturele referenties zijn verdwenen en dus onherkenbaar”.
Een van de dieren is bijvoorbeeld de hermione, een Aziatische ezelsoort waar veel lezers wellicht niet meteen een beeld bij hebben. Goethals spreekt daarom over een muilezel, meer bekend bij het publiek.
Bij de gedichten hoort bovendien beeldend werk van de Antwerpse kunstenaar Tom Liekens. Zijn illustraties begeleiden een aantal teksten en geven de dieren een extra visuele dimensie. Zo komen woord en beeld samen in een poëziebundel die de lezer uitnodigt om met een frisse blik naar het dierenrijk en de menselijke natuur te kijken.
Of Goethals met Carnaval zelf een klassieker heeft geschreven, zoals hij met een knipoog hoopt, zal de tijd moeten uitwijzen.
Carnaval wordt op woensdag 21 oktober voorgesteld in kunstcafé Art Base, Zandstraat 29 in Brussel. De ontvangst begint om 18.30 uur. De bundel is verkrijgbaar via Poëziecentrum.
KioskNews shows a cleaned-up reading view extracted from the publisher’s page — the original always lives on their site, not ours.