InquirerUndas tradition: ‘Biko’ endures in BukidnonPunch2027: Kano gov, lawmaker target one million non-indigene votes for TinubuDaily MaverickLOCAL ELECTIONS 2026: Ten critical questions as South Africa heads into high-stakes pollCNN TürkREYTİNG SONUÇLARI 31 EKİM 2026 | Dün Akşamın Reyting Birincisi Kim Oldu? Güller ve Günahlar, Gönül Dağı, Başkalarının Hayatı, Kim Milyoner Olmak İster?, Güldür Güldür Show, Ömür Usta, MasterChef Türkiye Reyting SonucuBollywood HungamaHimesh Reshammiya makes a BIG revelation: “I have written, sung and composed 15 songs in English; they don’t sound WANNABE at all”; adds, “There’s one song which is ABSOLUTELY right for Rihanna”Inquirer EntertainmentSolenn, Erwan Heussaff mourn death of dad LouisThe Jerusalem PostOver 130 arrested over Palestine Action terror designation protest outside US Embassy in LondonABC NewsIran live updates: Trump says US not in 'a hurry' to agree dealSky TG2422 film in streaming a novembre, da Possible Love a Innamorarsi e altre pessime idee. FOTO한겨레‘AI 버블’ 논란의 핵심은 데이터센터…미국 내 유예·금지 조처 415곳ZDF heuteEntdecken Sie das ZDF-NachrichtenstudioKhaosod EnglishUbon Ratchathani buyer pays 10 million baht for star fighting cock “F16”
The Daily Newsstand · Free, Always
Sunday, November 1, 2026

Kapper Jean Marchetti knipt zich al vijftig jaar een weg door de kunstwereld

Translate

Bij Jean Marchetti gaan kunst en knippen al vijftig jaar hand in hand. In zijn kapsalon in Sint-Gillis vinden haarlokken, schilderijen en eigenzinnige ideeën elkaar, ver weg van de klassieke kunstwereld. “Ik heb altijd mijn zin gedaan.”

Een gescalpeerd mannenhoofd waarbij een kam de blootliggende hersenen netjes in twee helften verdeelt: een van de meest bevreemdende uithangborden van een Brussels handelspand hangt tegen de gevel van het nummer 81 in de Munthofstraat in Sint-Gillis, op een steenworp van het Sint-Gillisvoorplein. Het in sober zwart-wit getekende beeld komt uit de koker van Roland Topor, een van de grondleggers van de kunstbeweging Panique. Een en ander wordt begrijpelijker wanneer je de kleine letters links onderaan op de vitrine leest: “Le Salon d’Art et de Coiffure.”

Op deze plek vermengt Brusselaar Jean Marchetti al vijf decennia de kunst van het haarknippen met die van papier en doek: zijn kapsalon fungeert tegelijk als galerie (en sinds 1982 ook als uitgeverij). Zijn jubileumjaar sluit hij straks af met een expo van Pierre Alechinsky. “Het is al de zevende keer dat ik werk van hem tentoonstel”, vertelt Jean Marchetti net voor hij zijn eerste klant van de dag in de enige kappersstoel van zijn salon ontvangt. Hun vriendschap gaat terug tot eind jaren 1970. “Bij elke mijlpaal wil ik hem erbij, dus ook nu.”

Alechinsky, een van de drijvende krachten achter de Cobra-beweging, werd eerder deze maand 99, maar verkeert volgens Marchetti in goede gezondheid. “Ik ben hem onlangs nog gaan opzoeken in Parijs. Het gaat prima met hem, zowel fysiek als mentaal. Hij doet het rustig aan, maar werkt intussen aan enkele tentoonstellingen ter gelegenheid van zijn honderdste verjaardag. In de Serpentine Galleries in Londen onder meer, zijn eerste officiële expo in het VK.”

Maar eerst is hij dus nog bij jou te zien. Waarom koester je zijn werk zo hard?
Jean Marchetti: Pierre Alechinsky heeft een heel eigen écriture, en dat vind ik altijd interessant bij een kunstenaar. Toen hij zeventig werd, bleek geen van de Brusselse musea nog in hem geïnteresseerd. Roland Topor was toen net overleden, en Alechinsky kwam naar mij met de vraag of ik geen expo wilde opzetten. Natuurlijk, antwoordde ik hem, tu es chez toi, chez moi!
De tentoonstelling was een succes en toen ze afgelopen was, zei ik tegen hem met de arrogantie van een jonge man: ”Zeg, over vijf jaar doen we het opnieuw. Maar je moet wel zo vriendelijk zijn om tot dan in leven te blijven.” Ik ben 25 jaar jonger, hij had mijn vader kunnen zijn. En zo hebben we elke vijf jaar een expo opgezet. Intussen ben ik degene die wordt gevraagd om te blijven leven. Dit jaar ben ik al drie keer aan mijn hart geopereerd.

Het zal de zevende keer zijn dat ik werk van Pierre Alechinsky toon. Onze vriendschap gaat ver terug. Bij elke mijlpaal wil ik hem erbij, dus ook nu

Kapper, galeriehouder en uitgever

Herken je iets van Alechinsky’s stijl in jouw manier van haarknippen?
Marchetti: Absoluut. Hij is iemand die net als ik op zoek gaat naar een soort vrijheid. Hij kent de schilderkunst goed en heeft iets gecreëerd dat voordien niet bestond. In de kunst is het moeilijk om een eigen identiteit te vormen zonder op het terrein van iemand anders te komen. Van de kunstenaars die ik tentoonstel verwacht ik dat hun werk ook andere kunstenaars aanspreekt en hen ertoe aanzet om verder te gaan. De schilderkunst evolueert immers doordat kunstenaars voortbouwen op de stappen van hun voorgangers. Dat heeft hij gedaan.

Ben je als kapper ook een soort kunstenaar?
Marchetti: Ik beschouw mezelf als een ambachtsman. Het verschil tussen een kunstenaar en een ambachtsman is dat een ambachtsman vertrekt vanuit punt A en naar punt Z werkt. Hij weet van tevoren waar hij wil uitkomen. Ook een kunstenaar vertrekt bij punt A, maar blijft zijn hele leven op zoek naar punt Z. Op de dag dat hij dat punt bereikt, is het voorbij.
Wat ik doe, is vergankelijk. Zodra het haar geknipt is, groeit het weer aan. Ik denk dat haarknippen vooral de kunst van het luisteren is. Tegenwoordig weten mensen niet meer wat ze willen. “U bent de vakman, kiest u maar”, zeggen ze dan. Maar de klant is degene die ermee moet leven. Ik vraag nu meestal wat ze niet willen, waarna ik meteen een antwoord krijg. Ik moet gewoon het tegenovergestelde doen van wat ze me vertellen, en dan weet ik dat ik goed zit. (Lacht) Het komt er voor mij op aan te begrijpen wat bij iemand past. Mijn ego hoeft niet te schitteren op iemands hoofd.

Je ontvangt telkens maar één klant per keer in je kapsalon. Is die intimiteit noodzakelijk?
Marchetti: Ja. Daarom werk ik ook uitsluitend op afspraak. Ik hou ervan om een persoonlijke band op te bouwen met mijn klanten. De meesten ken ik alleen bij hun voornaam. Ik wil me volledig op hen kunnen richten en hen even uit hun eigen tijd halen, om ze mee te nemen in de mijne en daarna weer los te laten in de wereld. Het is veel meer dan haarknippen: het gaat om menselijk contact en iemand helpen om beter tot zijn recht te komen. Ik help mensen als het ware hun zelfbeeld te herstellen.

BRZ 20261028 1997 jean marchetti6-Salon d Art 6

©

Tiene Carlier

| Jean Marchetti bij de enige kappersstoel in zijn kapsalon annex galerie, waar hij telkens één klant per keer ontvangt: "Ik wil me volledig op hen kunnen richten en hen even uit hun eigen tijd halen, om ze mee te nemen in de mijne en daarna weer los te laten in de wereld."

Ambassadeur met een schaar

Jean Marchetti kwam op vijfjarige leeftijd naar Brussel als zoon en kleinzoon van Italiaanse mijnwerkers die in Henegouwen naar het zwarte goud kwamen delven. Zijn moeder liet hem als driejarige uk in de steek, omdat ze mishandeld werd door zijn vader en niet meer voor hem kon zorgen. “Eerst zat ik in een klooster, maar op mijn vijfde belandde ik in Molenbeek, in de Cité Joyeuse, een instelling voor oorlogswezen. Zo begon mijn leven in Brussel.”

Als jonge gast liep hij school in Elsene. Op een dag zag hij meisjes over de speelplaats lopen. Ze volgden een kappersopleiding en hadden een eigen lokaal waar ze konden oefenen. “Na een stommiteit van mijn broer moest ik van school veranderen. Tot dan was ik altijd de eerste van de klas, maar daarna verloor ik mijn motivatie. Uiteindelijk moest ik een beroep kiezen. Ik dacht: ik wil bij de meisjes zijn, dus word ik kapper. Het was een vorm van verzet, want meisjes waren voor ons verboden terrein.”

Hoe slaagde je erin om op je 21e je eigen kapperszaak te beginnen?
Marchetti: In 1971 sloot mijn baas zijn zaak, en moest ik op zoek naar een andere job. Ik werkte even op bouwwerven, en was graag gezien. Ik dacht altijd vooruit en zag zelf wat er moest gebeuren. Maar uiteindelijk keerde ik terug naar het kappersvak. Een voormalige schoolvriend vertelde me dat een kapsalon een medewerker zocht. Ik stelde voor om tegen een lager dagloon te werken, op voorwaarde dat ik mijn eigen klanten mocht aanspreken. Ik vervijfvoudigde de omzet in drie maanden tijd. Toen mijn patron zijn zaak aan mij wilde overlaten, heb ik niet geaarzeld. En zo baatte ik in 1973 plots mijn eigen kapsalon uit.

Drie jaar later werd je kapperszaak ook een galerie. Vanwaar die transformatie?
Marchetti: Er kwamen kunstenaars over de vloer in mijn kapperszaak en ik stelde hun allerlei vragen. Ze vertelden aan anderen: “Er is een kapper die me aan het praten krijgt.” Op een dag nodigde een van hen me uit voor een vernissage, maar ik ging er niet naartoe. Kunst stond toen voor mij op een onbereikbare piëdestal. Toen ze me achteraf vertelden dat ze op me hadden gewacht, besloot ik toch eens te gaan kijken. Op een beurs in Keulen vroeg Jean-Pierre Van Tieghem, kunstcriticus bij de RTBF, me wat ik mooi vond. Hij dacht eerst dat ik hem voor de gek hield, omdat ik precies de kunstenaars opnoemde die hij belangrijk vond. Maar ik keek niet naar de namen: ik keek naar de kunstwerken zelf. Toen is mijn kijk op kunst veranderd.

In het begin ben ik veel klanten verloren. Ze vonden het maar niks dat er mensen naar kunst kwamen kijken terwijl ze in de kappersstoel zaten

Jean Marchetti

Kapper, galeriehouder en uitgever

Hoe is je interesse in moderne kunst vervolgens gegroeid?
Marchetti: Ik begon er met mijn klanten over te praten. Wanneer ik hun vroeg wat ze mooi vonden, verwezen ze altijd naar oude kunst. Tegelijk vroeg ik me af waarom kunstenaars als Van Gogh en Modigliani tijdens hun leven vaak niet van hun kunst konden leven, terwijl hun werken later voor enorme bedragen werden verkocht. Op een dag besefte ik dat wij daar zelf verantwoordelijk voor waren: tijdens hun leven hadden we hen niet naar waarde geschat.

Dat zette mij ertoe aan om zelf werk te beginnen tonen, en wel van levende kunstenaars. Het werk van overleden kunstenaars wordt al gauw handelswaar, denk ik. Ik vind het fantastisch als ik mensen voor het eerst in contact kan brengen met kunst. Ik zie mezelf dan ook vooral als een doorgeefluik, een ambassadeur. De kunstenaars zijn hier niet zelf aanwezig, dus moet ik hun werk verdedigen.

Welke betekenis krijgt kunst wanneer ze niet in de steriele omgeving van een galerie hangt, maar deel uitmaakt van het dagelijkse leven?
Marchetti: Het is hier geen white cube, maar toch heeft deze plek een heel eigen sfeer. Ik heb klanten die me al jarenlang trouw zijn, omdat ze hier iets vinden wat ze nergens anders aantreffen. Pas op, in het begin ben ik veel klanten verloren. Ze vonden het maar niks dat er mensen naar kunst kwamen kijken terwijl ze in de kappersstoel zaten. Ze voelden zichzelf bekeken. Intussen is dat veranderd. Kunst is toegankelijker geworden, mensen staan er meer voor open. Ik heb jonge klanten die van overal naar hier komen precies omdat het ook een galerie is.

Tussen coupe en coup de coeur

In die vijftig jaar waarin Jean Marchetti haarlokken en canvassen met elkaar verstrengelde, heeft hij niet alleen haarmodes maar ook de buurt zien veranderen. “Sint-Gillis is erg bobo geworden. Wat me hier aanvankelijk aantrok, was dat er helemaal niets gebeurde. Precies in die culturele woestijn wilde ik een oase creëren.”

Die oase kreeg er in 1982 een nieuwe dimensie bij, toen Marchetti zijn eigen uitgeverij oprichtte: La Pierre d’Alun. Pierre Alechinsky ontwierp het logo. Met zijn uitgeverij bracht Marchetti op zijn onnavolgbare, ietwat eigenzinnige manier drie passies samen: de liefde voor papier, die hij van zijn grootvader, een amateurtekenaar, erfde; zijn voorliefde voor surrealistische, soms dadaïstische beeldende kunst; en zijn bewondering voor het schrijftalent van anderen, dat hij zelf naar eigen zeggen ontbeerde. “Ik werk nooit met een plan of een schema, ik volg gewoon mijn instinct”, zegt hij, “de kunstenaars die ik onder de aandacht breng zijn altijd coups de coeur.”

BRZ 20261028 1997 Alexhinsky

©

Michel Nguyen, 2012

| In 2012 draaide kunstenaar Pierre Alechinsky de rollen om: terwijl hij de tondeuse hanteerde, nam Jean Marchetti plaats in de kappersstoel.

Je hebt altijd je eigen weg gevolgd, buiten de klassieke kunstcircuits. Heeft die vrijheid je veel opgeleverd of heeft ze ook dingen belet?
Marchetti: Belet? Niets. Ik doe altijd wat ik wil, niets verplicht me ergens toe. Ik had ooit een klant die inmiddels overleden is. Hij was de baas van bakkerij Au Vatel, bekend van zijn kleine broodjes en baguettes. Naast kunst was zijn grote plezier tennissen – iets wat hij enkele keren per week deed. Op een dag zei ik tegen hem: “Ik denk dat ik rijker ben dan jij.” Hij keek me verbaasd aan en vroeg: “Hoezo?” Ik antwoordde: “Omdat ik het héle jaar door kan doen waar ik van houd.”

Je hebt de kapsels zien veranderen, maar ook de kunstwereld. Heeft Brussel op artistiek vlak nog veel te bieden?
Marchetti: Jazeker. Het bijzondere aan Brusselaars is hun tegendraadse geest. De zwanze, de typisch Brusselse spot en humor, komt voort uit het feit dat de stad altijd door anderen is overheerst – de Nederlanders, de Spanjaarden, de Duitsers. De manier waarop de mensen zich staande hielden, was door de draak te steken met de situatie, door er zelfspot van te maken.
Ook de nieuwsgierigheid naar nieuwe ontwikkelingen, in de kunst en daarbuiten, kent volgens mij geen grenzen. Bovendien hebben veel mensen die vandaag in de kunstwereld actief zijn, ook galeriehouders, in het buitenland gewerkt. Daardoor zijn heel wat barrières gesneuveld en is de kunstwereld minder star geworden.

Binnenkort opent er een museum voor moderne kunst aan het kanaal. Wat vind je daarvan?
Marchetti: Dat is een goede zaak, al is het geen museum met een eigen collectie, maar eerder een tentoonstellingsruimte. Voorstanders hopen op een Guggenheim-effect, maar het Guggenheim behoudt zijn eigen identiteit, waar het ook gevestigd is. Het hoeft geen compromissen te sluiten over welke Belgische of andere kunstenaars het moet tonen. Kanal daarentegen is een geïmporteerd concept, geïnspireerd door het Franse Centre Pompidou. En je mag niet vergeten dat het natuurlijk ook een prestigeproject is van Rudi Vervoort. Er schuilt vastgoed- en grondspeculatie achter, waardoor hele wijken van karakter zullen veranderen.

Wat brengt de toekomst voor jou?
Marchetti: Ik blijf gewoon doorgaan. Ik zit in een trein zonder te weten waar die me naartoe brengt. Ooit zal hij wel stoppen.

De tentoonstelling Sur papiers d’il y a longtemps van Pierre Alechinsky loopt van 3/11 tot 19/12 in Le Salon d’Art, lesalondart.be. Bij de expo verschijnt ook het boek Brèves de pinceau

View the original on Bruzz →

KioskNews shows a cleaned-up reading view extracted from the publisher’s page — the original always lives on their site, not ours.