The Daily Newsstand · Free, Always
Thursday, October 29, 2026

Lerarentekort secundair onderwijs hoogst in Brussels Gewest

Translate

Het lerarentekort is al jaren een van de grote uitdagingen in het Vlaamse onderwijs. Hoewel het tekort licht lijkt te dalen, blijven de tekorten een impact hebben op de werking van scholen. Omdat het moeilijk is om een accuraat beeld te krijgen van het effectieve tekort, heeft het Rekenhof de kwestie onder de loep genomen en dat voor twee schooljaren (2022-2023 en 2024-2025) en op verschillende momenten in die jaren.

Het structurele tekort, waarbij er geen leerkracht is voor een openstaande positie, bedraagt in de onderzochte schooljaren ongeveer 2 procent. Tel daarbij het vervangingstekort - wanneer er geen geschikte vervanger is voor een afwezige leerkracht terwijl die vervanging volgens de regels wel mogelijk is - dan kom je op een totaaltekort van ongeveer 3,5 procent.

Scholen moeten daarnaast ook oplossingen zoeken voor periodes waarin leraren afwezig zijn zonder dat (betaalde) vervanging mogelijk is. Dat gaat dan om korte periodes of omdat de afwezigheden te dicht bij een vakantie liggen. Tel je ook die tekorten mee, dan loopt het 'integrale' tekort op tot 6,4 procent of ongeveer één op de zestien leerkrachten.

Zes procent

Het lerarentekort is niet voor alle vakken en scholen even groot. De vakken met het grootste tekort zijn wiskunde, Nederlands, Frans en Engels. Daarnaast zijn er nog andere opvallende verschillen. Zo ligt het tekort in scholen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest rond de 6 procent. Het lerarentekort is ook groter in centrumsteden, in scholen met een arbeidsmarktgericht aanbod of met veel kansarme leerlingen.

Het Rekenhof heeft verder gekeken naar de toepassing van de beleidsmaatregelen die de Vlaamse regering in stelling bracht tegen het tekort. Daaruit blijkt dat scholen vooral teruggrijpen naar de zij-instromers en de leraren-in-opleiding. Ze opteren veel minder voor gastleraren of voor flexijobbers.

Ook de functie van leraar-specialist, een idee van voormalig onderwijsminister Ben Weyts, wordt weinig gebruikt. "Dat komt vooral omdat scholen geen ongelijkheid willen creëren in het schoolteam. Scholen die het mandaat wel toekenden, vinden het bovendien geen effectieve maatregel tegen het lerarentekort".

‘Minder gebruikelijke profielen’

Volgens het Rekenhof heeft het tekort een duidelijke impact op de schoolorganisatie en het personeelsbeleid. Scholen sleutelen aan het lessenrooster, laten leerlingen later starten of vroeger naar huis gaan, geven leerlingen meer uren studie, enz... Op het vlak van personeelsbeleid kiezen scholen er onder meer voor om hun bestaande leraren extra in te zetten of om "minder gebruikelijke profielen" in te schakelen als leerkracht.

"Die aanpassingen zijn vaak noodingrepen met negatieve gevolgen", merkt het Rekenhof op. "Er wordt immers ingeboet op de lestijd van leerlingen, bespaard op professionalisering en zorg, en de druk op het bestaande lerarenkorps neemt toe. Op langere termijn kunnen zulke ingrepen nadelig zijn voor zowel de onderwijskwaliteit, de leerresultaten als het welzijn van leraren, leerlingen en directies".

In een reactie op het rapport liet minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA) verstaan dat ze "intensief met de onderwijsverstrekkers en de vakbonden overlegt om tot een onderwijspact te komen met coherente en breedgedragen oplossingen, onder meer voor het lerarentekort".

View the original on Bruzz →

KioskNews shows a cleaned-up reading view extracted from the publisher’s page — the original always lives on their site, not ours.